In Pace Frivola

Sebastiaan van Steenberge - In Pace Frivola

Compositie in veertien delen van de kapelmeester van de O.L.V.-kathedraal te Antwerpen. In Pace Frivola is een werk voor koor a capella op Nederlandstalige teksten van vijf dichters: F.L. Bastet, Lenze L. Bouwers, Dirk Hanssens, Hedwig Speliers en Jos Stroobants. De koormuziek bestaat uit motetten voor variërende bezettingen: 8-stemmig gemengd koor, dameskoor, mannenkoor. Het werk sluit aan bij de Europese, hedendaagse koortraditie. Elk onderdeel van In Pace Frivola is een knipoog naar tendensen die belangrijk zijn (geweest) in de vocale geschiedenis: Hildegard von Bingen, Grieks-orthodoxe gezangen, gregoriaans, Arvo Pärt, Olivier Messiaen, Benjamin Britten, Francis Poulenc, John Tavener en Vic Nees.

Vocaal Ensemble Musa Horti o.l.v. Peter Dejans, m.m.v. een slagwerker.

MFP 20134. Speelduur 62:16. Verkrijgbaarvia www.montefagorum.be

Beluister fragmenten van Benedictus qui (t: Jos Stroobants) en Om vier uur (t: Lenze L. Bouwers).

 

“Muziek hoeft trouwens helemaal niet ‘eigentijds populair’ van stijl te zijn om onze tijdgenoten te kunnen raken. Smaken verschillen, dus zijn er verschillende muzikale golflengten waarop een ander iets van Gods aanwezigheid kan proeven. In evangelische kringen kiest men daarom  voor een idioom dat veel lijkt op de popmuziek van nu. Andere gemeenten hebben traditionele kerkmuziek en trekken daarmee ook veel buitenstaanders.”

Evert W. van de Poll, Samen in de naam van Jezus. Over evangelische liturgie en muziek (p. 163)

"De grote waarde van liederen in de liturgie is, dat je meer kunt zingen dan je zeggen kunt. Van groot belang is dat je die hoge, soms grote woorden gezamenlijk zingt. Je hoort jezelf niet terug, maar voelt je als het goed is geborgen bij degenen die met jou en om jou heen meezingen. Dat maakt ook dat liederen zo kunnen raken en ontroeren."

Paul Valk in Eredienstvaardig jrg. 17 nr. 6 (december 2001)

"Wij gaan de liturgie binnen zoals we de kerkruimte binnengaan; we maken haar niet zelf. De tegenwoordigheid van Christus gaat altijd aan onze tegenwoordigheid vooraf."

"De katholieke liturgie is organisch gegroeid onder de generaties gelovigen voor ons. In het vieren van deze traditionele liturgie kunnen de menselijke expressie en creativiteit tot hun recht komen. [...] Door in dit rijke erfgoed te participeren kan de gemeenschap ervaren dat zij deel heeft aan een werkelijkheid die het eigen begrip te boven gaat."

Bernd Wallet in Eredienstvaardig jrg. 17 nr. 3 (juni 2001)

Kinderkoordirigent Catrien Posthumus Meyjes over het zingen met kinderen:

"Het allermooiste is dat je kinderen voor de rest van hun leven iets waardevols meegeeft: plezier in het zingen. Maar zingen is méér: zingen is muzische vorming, is omgaan met mooie en goede teksten die een leven lang meegaan. Zingen is een elementaire uitlaatklep die je altijd bij je hebt. Daarnaast krijgen kinderen in de kerk een basaal gevoel voor rituelen in een liturgische context."

Els Dijkerman, "Begin een kinderkoor. Een interview met twee koordirigenten" in Eredienstvaardig jrg. 24 nr. 4 (september 2008)

"Als het orgelspel te wenschen over laat, dan ook de gemeentezang."

Jan Zwart (1877-1937) in De Amsterdammer van dinsdag 26 september 1933